Massaal bezwaar box 3 gegrond verklaard. Wat betekent dat voor u?

Hanneke Kroonenberg - Van Lanschot
Hanneke Kroonenberg
Hoofd Kenniscentrum Van Lanschot
  1. Inspiratie
  2. Vermogensregie
  3. 2022
  4. Massaal bezwaar box 3 gegrond verklaard. Wat betekent dat voor u?
blog
08 februari 2022

Massaal bezwaar box 3 gegrond verklaard. Wat betekent dat voor u?

Op 4 februari 2022 heeft de Belastingdienst de bezwaren in de massaal bezwaarprocedures inzake de box 3-belasting over de jaren 2017 t/m 2020 gegrond verklaard. Maar hoe de Belastingdienst dit gaat afhandelen, is nog niet duidelijk. Lees hier wat we al wel weten over de ontwikkelingen.
Man op de fiets

De Hoge Raad heeft op 24 december 2021 een belangrijke uitspraak gedaan over de rechtmatigheid van de box 3-belasting. De box 3-heffing is in strijd met het eigendomsrecht en het discriminatieverbod uit het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens als het werkelijke rendement lager is dan het forfaitaire rendement. En in tegenstelling tot eerdere uitspraken moet de Belastingdienst gedupeerden die bezwaar hebben gemaakt nu wel compenseren. Hoe die compensatie eruit moet zien, heeft de Hoge Raad echter niet aangegeven. Het is een puzzel die staatssecretaris Van Rij nog niet heeft opgelost. Dat bleek ook uit de antwoorden op de Kamervragen en het daaropvolgende Kamerdebat van 2 februari 2022.

Afhandeling massaal bezwaar

Op vrijdag 4 februari 2022 heeft de Belastingdienst de circa 200.000 bezwaren in de massaal bezwaarprocedures inzake de box 3-belasting over de jaren 2017 t/m 2020 gegrond verklaard. Maar hoe de Belastingdienst die bezwaren gaat afhandelen is nog niet duidelijk. De Belastingdienst heeft formeel zes maanden de tijd (tot 4 augustus) om de bezwaren af te handelen. De staatssecretaris geeft nu al aan dat die deadline waarschijnlijk niet in alle gevallen gehaald gaat worden, met mogelijke nadelige gevolgen voor de Belastingdienst. Hij vindt zorgvuldige besluitvorming echter belangrijker. De hersteloperatie moet recht doen aan de uitspraak van de Hoge Raad, maar ook uitvoerbaar zijn voor de Belastingdienst. 

Tellen andere beleggingen dan spaargeld ook mee als 'werkelijk rendement'?

Werkelijk rendement

Een van de vraagstukken is wat precies onder “werkelijk rendement” verstaan moet worden.  Volgens een advies van drie externe deskundigen mogen daar, naast rente, dividend en huur, ook gerealiseerde en ongerealiseerde vermogenswinsten in meegenomen worden. Denk daarbij aan koersstijgingen van aandelen en waardestijging van onroerend goed. Voor belastingplichtigen die naast spaargeld dus ook nog andere beleggingen hebben, kan het dan zo zijn dat hun werkelijke rendement hoger ligt dan het forfaitaire rendement en dan komen zij niet in aanmerking voor teruggave. Probleem voor de Belastingdienst is echter dat zij niet over alle data beschikken om het werkelijke rendement geautomatiseerd vast te kunnen stellen. En circa 200.000 bezwaren individueel beoordelen is ook geen optie. De staatssecretaris zoekt dus naar een oplossing die wel geautomatiseerd afgehandeld kan worden.

Geen bezwaar gemaakt

Een ander vraagstuk is of belastingplichtigen die over de jaren 2017 t/m 2020 geen bezwaar hebben gemaakt, maar in vergelijkbare omstandigheden zitten, ook gecompenseerd moeten worden. Gezien het aantal belastingplichtigen (ruim 2,5 miljoen) met box 3-vermogen zou dat een veelvoud betekenen van de belastingplichtigen die wel bezwaar hebben ingediend. De staatssecretaris wil hier pas een uitspraak over doen als de budgettaire gevolgen inzichtelijk zijn gemaakt.

Geldt de compensatie ook voor niet-bezwaarmakers?

Daarnaast staat voor belastingplichtigen nog de mogelijkheid open om ambtshalve vermindering aan te vragen. Volgens het advies van de landsadvocaat is de Belastingdienst wettelijk niet verplicht om hier gehoor aan te geven. Maar volgens een recente uitspraak van een rechtbank is het aanvragen van ambtshalve vermindering wél mogelijk, al gaat de Belastingdienst nog tegen deze uitspraak in hoger beroep.

Aangiftes over 2021

Voor de aangiftes over het belastingjaar 2021, die vanaf 1 maart a.s. ingediend kunnen worden, zullen voorlopig geen definitieve aanslagen worden opgelegd als er sprake is van box 3-vermogen.

Dat wordt pas gedaan als duidelijk is hoe het herstel vormgegeven wordt. Daar wordt vervolgens in de definitieve aanslag rekening mee gehouden. De belastingplichtigen waarvoor dit geldt, worden daarvan op de hoogte gesteld.

Ook voor voorlopige aanslagen inkomstenbelasting over het belastingjaar 2022 waar nog geen rekening is gehouden met de uitspraak van de Hoge Raad, geldt dat dit bij de definitieve aanslag over 2022 door de Belastingdienst gecorrigeerd zal worden in overeenstemming met de gekozen oplossing.

Noodwetgeving

Volgens het Coalitieakkoord 2021-2025 wordt pas in 2025 de box 3-heffing aangepast naar een heffing over werkelijk gerealiseerd rendement. Tot die tijd zal er via noodwetgeving een tijdelijke oplossing gezocht worden om de belastingheffing in box 3 in lijn te brengen met de Hoge Raad-uitspraak.

Richtingennotitie

De staatssecretaris onderzoekt nu de mogelijkheden. In april verwacht hij een richtingennotitie te presenteren om dan in mei bij de voorjaarsbesluitvorming knopen door te hakken.

Wij houden u via onze blogs op de hoogte van de ontwikkelingen.

Geschreven naar de stand van zaken op 7 februari 2022.

Wilt u meer informatie?

Contact
Neemt u dan contact op met mr. Hanneke Kroonenberg RB. Haar primaire aandachtsgebied is financiële planning voor de directeur-grootaandeelhouder en de vermogende particulier. Zij houdt u op de hoogte van actuele ontwikkelingen op het gebied van Vermogensregie. Of leest u meer over ons aanbod voor het familiebedrijf.
Auth platform tracking pixel Login page tracking pixel