UBO-register 2: consequenties voor fonds voor gemene rekening

Hanneke Kroonenberg - Van Lanschot
Hanneke Kroonenberg
Hoofd Kenniscentrum Van Lanschot
  1. Inspiratie
  2. Vermogensregie
  3. 2020
  4. UBO-register 2: consequenties voor fonds voor gemene rekening
blog
23 april 2020

UBO-register 2: consequenties voor fonds voor gemene rekening

Oprichters, participanten en beheerders van een fonds voor gemene rekening worden opgenomen in het openbare UBO-register 2, zo wil het concept wetsvoorstel dat op 17 april is gepubliceerd. Tot 15 mei kan iedereen online op het wetsvoorstel reageren.

Nederland moet, op basis van Europese wetgeving ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering, een Ultimate Benefical Owner (UBO)-register invoeren. Dat worden twee aparte registers. In mijn vorige blog leest u over UBO-register 1, dit blog gaat over UBO-register 2.

In UBO-register 2 worden de uiteindelijk belanghebbenden van trusts en soortgelijke juridische constructies opgenomen. De trust is een Angelsaksische juridische structuur, die in het Nederlandse rechtssysteem niet voorkomt. Wij kennen wel een enigszins vergelijkbare structuur, namelijk het fonds voor gemene rekening (FGR). Deze fondsen worden dus opgenomen in dit UBO-register 2. Wat betekent dit voor oprichters van en participanten in een FGR? In deze blog ga ik op die vraag in.

Een besloten fonds voor gemene rekening wordt vaak als familiefonds gebruikt om vermogen over te hevelen naar de volgende generatie

Consultatie tot 15 mei 2020 

Op 17 april 2020 is het concept wetsvoorstel voor UBO-register 2 gepubliceerd voor internetconsultatie. Tot 15 mei 2020 kan iedereen daarop reageren. Daarna wordt een definitief wetsvoorstel ingediend.

Open en besloten fondsen

Het fonds voor gemene rekening kennen we in twee varianten: het open fonds voor gemene rekening (OFGR) en het besloten fonds voor gemene rekening (BFGR). Verschil tussen beide is de fiscale behandeling. Een OFGR is in principe belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting, een BFGR is fiscaal transparant waardoor er meestal sprake is van box 3-heffing. Een OFGR wordt vaak gebruikt als beleggingsvehikel, bijvoorbeeld bij een vrijgestelde beleggingsinstelling. En ook een aantal beleggingsfondsen maakt gebruik van een OFGR. Een BFGR wordt vaak door vermogende families als familiefonds gebruikt om vermogen over te hevelen naar de volgende generatie.

Anonimiteit verminderd

Eén van de grote voordelen van een OFGR of BFGR is de anonimiteit. Deze fondsen hoeven namelijk niet in het Handelsregister bij de Kamer van Koophandel (KvK) te worden ingeschreven. Zij hoeven daarom dus ook geen jaarcijfers te publiceren. Wat verandert er nu met UBO-register 2 voor de anonimiteit? Zowel voor het OFGR als voor het BFGR worden de uiteindelijk belanghebbenden in het register opgenomen. Net zoals het UBO-register 1 wordt ook het UBO-register 2 openbaar. Iedereen heeft toegang tot dit register en kan naast naam, type en doel van het fonds ook de voor- en achternaam, geboortemaand en -jaar, nationaliteit en woonland van de uiteindelijke belanghebbende zien. Daarnaast is de procentuele omvang van het belang zichtbaar, maar niet zichtbaar is om hoeveel vermogen het gaat. Kortom “de wie wordt zichtbaar maar niet de wat”. 

Minderjarigen, andere handelingsonbekwamen en personen die door justitie beveiligd worden, kunnen verzoeken om hun persoonsgegevens af te schermen. Alleen hun procentuele belang blijft dan zichtbaar.

In het register wordt de 'wie' zichtbaar, maar niet de 'wat'

Wie zijn de UBO’s van een fonds voor gemene rekening?

Voor het UBO-register 1 worden over het algemeen alleen de uiteindelijk belanghebbenden met meer dan 25% eigendomsbelang en/of zeggenschap in de entiteit aangemerkt als UBO. Als die er niet zijn, dan wordt het bestuur van de entiteit als pseudo-UBO in het register opgenomen. Voor het UBO register 2 is het  criterium “meer dan 25% belang” niet van toepassing. De UBO’s in het register 2 zijn de oprichter, de participanten (ongeacht de grootte van het belang) en de beheerder(s). UBO’s zijn altijd natuurlijke personen, dus als bijvoorbeeld een BV participeert in een FGR, worden de aandeelhouders van de BV in het UBO-register 2 opgenomen, ongeacht hun procentuele belang in de BV.

Hoe nu verder?

De internetconsultatie loopt tot 15 mei 2020. Naar aanleiding van de reacties zal het wetsvoorstel al dan niet in gewijzigde vorm ter behandeling bij het parlement worden ingediend. Na invoering van de wet hebben reeds bestaande FGR-en drie maanden de tijd om hun gegevens aan te leveren. Nieuwe FGR-en moeten dat doen binnen één week na oprichting. De beheerder van het FGR heeft de plicht om alle gegevens over de UBO’s en het FGR aan te leveren bij de Kamer van Koophandel. Als dit niet gebeurt, is er zelfs sprake van een economisch delict.

Dus: hebt u een FGR opgericht of bent u participant in een FGR? Dan is het verstandig om de wetgeving hierover in de gaten te houden. 

Wij houden u op de hoogte van de ontwikkelingen.

Geschreven naar de stand van zaken op 23 april 2020.

Hanneke Kroonenberg - Van Lanschot
Hanneke Kroonenberg
Hoofd Kenniscentrum Van Lanschot