Luc Aben ziet dat beleggers op de pauzeknop drukken

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom
  1. Inspiratie
  2. Beleggen
  3. Luc Aben ziet dat beleggers op de pauzeknop drukken

Luc Aben ziet dat beleggers op de pauzeknop drukken

18 januari 2021
Beleggers maken zich zorgen over financiering steunplannen Amerikaanse economie.

En verder:

  • 2.800 miljard dollar extra voor Amerikaanse economie in enkele weken tijd
  • Oplopende inflatie is een risico in 2021
  • Lage verwachtingen bij economisch sentiment inkoopmanagers

De nieuwe Amerikaanse president Joe Biden wil op korte termijn 1.900 miljard dollar in de Amerikaanse economie pompen om het economisch herstel op te zwepen. Oftewel iets van 9% van het bruto binnenlands product (bbp). Dit enorme bedrag komt dan bovenop de 900 miljard dollar steun waar eind vorig jaar al een akkoord over was bereikt. Samen een indrukwekkende 13% van het bbp aan additionele steun in enkele weken tijd om de Amerikaanse economie door de coronacrisis te helpen.

Ondanks het uitzicht op nieuwe steun drukten aandelenmarkten eind vorige week op de pauzeknop. De aankondiging van Biden kwam niet helemaal uit de lucht vallen, hij hintte al er al op in zijn verkiezingscampagne, en wellicht was één en ander al in de aandelenkoersen ingeprijsd. 

Bovendien is het maar de vraag of Biden zijn economische steunplan integraal door het Congres weet te loodsen. Het Huis van Afgevaardigden zal met een Democratische meerderheid geen probleem zijn. In de Senaat kan dat vlot gebeuren als 60% van de senatoren zich er achter schaart. Hiervoor heeft Biden tien Republikeinen nodig. In de veronderstelling dat ieder Democratisch senator vóór stemt en dat is zeker geen uitgemaakte zaak. 

Minstens zo belangrijk voor beleggers is ook de vaststelling dat Biden voortvarend zijn verkiezingsbeloftes probeert te realiseren. De 1.900 miljard dollar is slechts een eerste stap om de grootste nood op korte termijn te lenigen. Over enkele weken zouden de structurele projecten voor de langere termijn op tafel komen. Denk daarbij aan investeringen in infrastructuur of de energietransitie.

Niet nog een keer schrikken

De plannen van Biden kunnen positief zijn voor het groeipotentieel van de Amerikaanse economie. Maar beleggers maken zich tegelijkertijd zorgen over de financiering ervan: die zou voor een stuk komen uit hogere bedrijfsbelastingen. Voor ondernemingen in de brede Amerikaanse aandelenindex S&P500 is de geschatte negatieve impact op de winst per aandeel 5% à 10%.

Een andere reden voor de lauwe reactie van beleggers op het steunpakket van Biden kan hun bezorgdheid over de toekomstige inflatie zijn. Oplopende inflatie - of alleen al de verwachting - en de centrale bank Federal Reserve (Fed) die sneller dan verwacht op de rem moet staan, zijn risico’s voor beleggers in 2021.

Fed-voorzitter Powell beloofde alvast plechtig om de huidige kwantitatieve verruiming nog geruime tijd aan te houden en ruim op voorhand eventuele bijsturing van het beleid aan te kondigen.

Maar stel dat de Amerikaanse economie vanaf het tweede kwartaal steeds meer open kan na succesvolle vaccinaties tegen corona. En dan overspoeld wordt door een golf van inhaalvraag van consumenten. Dan treedt de discussie over het terugschalen van het obligatie-opkoopprogramma ongetwijfeld op de voorgrond.

Markten denken onwillekeurig terug aan 2013. Toenmalig Fed-voorzitter Ben Bernanke stelde plompverloren dat het opkopen van obligaties niet eeuwig kon doorgaan. Beleggers schrokken van die onverwachte aankondiging. De Amerikaanse tienjaarsrente schoot in korte tijd een vol procentpunt omhoog, aandelenkoersen gingen omlaag. Dat was ook het geval bij koersen van bedrijfsobligaties en obligaties uit opkomende markten.

Nog lang geen 2013-scenario

Een scenario als in 2013 moeten we zeker in ons achterhoofd houden. Toch denken we dat het veel te  vroeg is om nu al aan te nemen dat het realiteit wordt. Zo heeft de Federal Reserve nog maar enkele maanden geleden zichzelf meer vrijheden toegekend door zijn beleidsdoelstellingen te verruimen.

In concreto betekenen de ruimere doelstellingen van de Fed, dat de centrale bank langer dan vroeger op zijn handen blijft zitten als de inflatie of arbeidsmarkt aantrekken. Het duurt bovendien nog een hele tijd voordat de Amerikaanse economie op een toerental draait dat ze de inflatie structureel aanjaagt. Pas dan denkt de centrale bank aan ingrijpen.

Chinese economie herstelt verder

China publiceerde de groei van zijn bruto nationaal product (bnp) in het vierde kwartaal van 2020. Onder een sterkere dan verwachte impuls van de industriële productie (+7,3%) kwam de bnp-groei iets boven verwachting uit op +6,5% jaar-op-jaar. Economen rekenden op een stijging van +6,1%.

Ook de detailhandelsverkopen in China zetten hun herstel verder voort, maar dat gebeurt geleidelijker met +4,6%. Dat groeicijfer viel licht tegen.

China is de enige grote economie die 2020 in de plus kan afsluiten. Wij verwachten een groei van +2,3%. Dat ondersteunt de wereldeconomie. Maar uiteindelijk hangen alle economieën van elkaar af. Ook China heeft er alle belang bij dat economieën in de rest van de wereld zo snel mogelijk openen en herstellen. De Chinese exporten namen in 2020 zelfs met 3,6% toe (op jaarbasis) en blijven daarmee een grote aanjager voor de economie. Dat moet dan wel blijven.

Op de macro-economische agenda

Geen actie bij de ECB

De Europese Centrale Bank (ECB) houdt donderdag zijn beleidsvergadering. De verwachting is dat de ECB-bestuurders het monetaire beleid onveranderd laten. Ter herinnering: afgelopen december trokken ze de PEPP-enveloppe met 500 miljard euro op. Het Pandemic Emergency Purchase Programme (PEPP) is het obligatie-opkoopprogramma dat specifiek werd opgezet na het uitbreken van de coronacrisis. Ook stelden de beleidsmakers van de ECB verder aangescherpte financieringsrondes voor banken in het vooruitzicht (de Targeted Longer-term Refinancing Operations ofwel TLTRO’s).

Sinds de laatste bijeenkomst is de economische situatie in de eurozone niet dusdanig veranderd dat bijkomende actie van de ECB acuut is. Het lijkt erop, dat de economie van de eurozone in de laatste weken van 2020 de heringevoerde beperkingen relatief goed verteert. 

Ook de opmars van de koers van de euro is ondertussen tot stilstand gekomen. Hierbij speelt de opgelopen Amerikaanse langetermijnrente ongetwijfeld een rol. Die maakt de dollar een stukje aantrekkelijker. Het argument dat de euro te sterk dreigt te worden en om monetair ingrijpen vraagt speelt niet.

Sentiment inkoopmanagers heeft weinig impact

De eerste inschattingen van het economisch sentiment onder inkoopmanagers (Markit PMI’s) trekken vrijdag onze aandacht. Zowel in de eurozone als in de Verenigde Staten verwachten we dat het sentiment licht negatiever wordt. Vooral in de Europese dienstensector, die in de touwen hangt zolang de coronarestricties gelden. Het lijkt ons echter niet waarschijnlijk dat dit markten beroert, want de verwachtingen zijn vanzelfsprekend niet al te hoog gespannen.

Beleggers kijken vooral reikhalzend uit naar het tweede kwartaal. Dan zou de economie geleidelijk  weer open moeten kunnen. Coronavaccins kunnen de komende weken dé belangrijkste economische parameter worden, samen met de duur van de lockdowns. Of zelfs strengere maatregelen zoals een avondklok.

Als de lockdowns ver door gaan in het tweede kwartaal, dan kan dat op enig moment wél beroering onder beleggers teweegbrengen. Zij hebben een economische verbetering gaandeweg het tweede kwartaal door effectieve vaccinatie ingecalculeerd. Enige vertraging in de vaccinatieprogramma’s gepaard met zwakkere economische cijfers stelt het geduld van beleggers tussentijds op de proef stellen en kan daarmee voor tijdelijke volatiele aandelenkoersen zorgen.

 

Belangrijke macro-economische publicaties

Van 18 januari tot

en met 22 januari

Publicatiedag

Regio

Publicatie van

Periode

Consensus

Dinsdag

Duitsland

ZEW-index

Jan

60

Donderdag

Eurozone

ECB-beleidsvergadering

 

 

 

 

Consumentenvertrouwen (flash)

Jan

-15,0

Donderdag

VS

Opstartende woningbouw MoM

Dec

0,2%

Vrijdag

Eurozone

Markit PMI Manufacturing (flash)

Jan

54,6

 

 

Markit PMI Services (flash)

Jan

45,0

 

VS

Markit PMI Manufacturing (flash)

Jan

56,5

 

 

Markit PMI Services (flash)

Jan

54,0

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom