Europese economie toont weinig tekenen van opleving

  1. Inspiratie
  2. Beleggen
  3. Europese economie toont weinig tekenen van opleving

Europese economie toont weinig tekenen van opleving

22 november 2019
Voorlopig inkoopmanagersindexcijfer eurozone is ondermaats.

Voorlopig inkoopmanagersindexcijfer eurozone is ondermaats.

 

In het kort:

  • Economie eurozone moddert voort, geen direct herstel zichtbaar
  • Industriële activiteit eurozone stabiliseert, pijn duikt nu op bij dienstensector
  • Inflatieverwachtingen komen meer in gevaar, dat vergroot kans op ruimer monetair beleid

Het voorlopige samengestelde inkoopmanagersindexcijfer (PMI) voor de eurozone voor november liet onverwacht een daling zien. Dat bleek vrijdag toen het indexcijfer werd gepubliceerd. Economen hadden gerekend op een licht herstel van 50,9 indexpunten ten opzichte van oktober, echter er rolde voor november een stand van 50,3 indexpunten uit de bus.

We zien de activiteiten van de industrie in de eurozone meer stabiliseren, echter de dienstensector zakt nu in. Wij denken dan ook dat het vierde kwartaal economisch gezien lastig zal blijven. De eurozone-economie moddert voort waarbij een groei van 0,2% op kwartaalbasis het maximaal haalbare is.
De grafiek hieronder laat het verband tussen de PMI en de groei van eurozone-economie zien. Een lage PMI gaat meestal gepaard met een lage economische groei. 

 

Verband tussen economische groei eurozone en samengestelde PMI

Dienstensector verzwakt, Duitse industrie in licht herstel

Bij de voor de eurozone belangrijke dienstensector zien we een voortgaande afzwakkende groei van de orderinstroom en werkgelegenheid. Bovendien nemen door de oplopende loonkosten de kostprijzen toe. De opbrengstprijzen staan onder druk door de hevigere concurrentie. Dat tast de winstgevendheid van bedrijven aan, een nieuw feit.

Toch  pikken we graag een lichtpuntje uit de PMI-cijfers en dat is het inkoopmanagersindexcijfer voor de Duitse industrie. Die zit gelukkig weer eens stevig in de lift in november en dat betekent dat de industriële activiteiten niet verder het ravijn in duikelen. Het bedroevend lage indexniveau van 42,9 punten in oktober werd verlaten. Een stand van 43,8 punten betekent nog immer een forse krimp, de elfde maand op rij, maar er is verbetering.

De daling van (export)orders mindert evenals van de daling van de werkgelegenheid in de industrie. Dat zijn positieve zaken. Uitermate vervelend is de oplaaiende prijsconcurrentie wat wijst op een meer moordende concurrentie. De inflatie(verwachtingen) zullen de komende tijd mogelijk meer onder druk komen in de eurozone.

 

Inflatiezorg bij de ECB

In de donderdag geopenbaarde notulen van de laatste beleidsvergadering van de Europese centrale bank ECB van 24 oktober was een pessimistische ondertoon te bespeuren. De economische zwakte houdt langer aan dan voorzien, stelt de ECB. Daarbij passen mogelijk ook lagere inflatievoorspellingen richting de toekomst.

Hoewel de roep van de ECB harder klinkt om fiscaal te stimuleren, zien we helaas nog bar weinig actie bij de overheden uit de rijkere kernlanden. Daar moeten we niet teveel op rekenen. De ECB zal waarschijnlijk in 2020 weer mogelijke stappen moeten zetten, lees een ruimer monetair beleid met een nog lagere beleidsrente en meer obligatie-inkopen.

De Europese consument blijft redelijk optimistisch. Het consumentenvertrouwen groeide iets in november (op maandbasis). We gaan er vanuit dat de consumptieve bestedingen een groeitempo van iets meer dan 1% op jaarbasis aanhouden en dat is voldoende om de economische expansie in de eurozone van tegen de 1% op jaarbasis te voeden. Een absolute voorwaarde daarbij is dat de werkgelegenheid en de loongroei niet gaan afbrokkelen.     

 

Jack Horvest is investment specialist.