Luc Aben nuanceert: het ene groeiland is het andere niet

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom
  1. Inspiratie
  2. Beleggen
  3. Luc Aben nuanceert het ene groeiland is het andere niet

Luc Aben nuanceert: het ene groeiland is het andere niet

10 september 2018
Er is een belangrijk onderscheid tussen beleggen in aandelen of obligaties uit opkomende markten.

Er is een belangrijk onderscheid tussen beleggen in aandelen of obligaties uit opkomende markten.

 

Een van de verklaringen voor de moeilijke week die Europese beurzen achter de rug hebben zijn opkomende markten. In de nasleep van de monetaire gebeurtenissen in Turkije en Argentinië met dalende valuta’s liggen die markten onder vuur. En dat besmet Europese beurzen. De Amerikaanse beurs heeft veel minder last van deze besmetting. Dat is niet onlogisch, want slechts 3,6% van de Amerikaanse export gaat naar groeilanden. Voor Europa is dat bijna 10%. Ook hebben Europese banken vaak veel meer blootstelling aan opkomende regio’s in vergelijking met Amerikaanse banken.

 

Drie tegenwinden voor groeilanden

Opkomende landen ondervinden momenteel vanuit drie hoeken tegenwind. Een hogere Amerikaanse rente en sterkere dollar maken buitenlandse schuld voor groeilanden duurder. Ook trekken internationale (Amerikaanse) beleggers hun geld terug. Waarom immers het risico lopen van inherent volatielere opkomende landen, als op de ‘thuismarkt’ ook al een degelijke rente kan worden gevangen?

Daarnaast is er de dreigende escalatie van de handelsoorlog tussen de Verenigde Staten en China. Met name groeilanden worden hiervan het slachtoffer want zij leunen voor hun economie sterk op China.

Verder zijn er specifieke kwetsbaarheden die verschillen van opkomend land tot land. Vaak krijgen deze landen de rekening gepresenteerd van slecht economisch bestuur of ze zijn in troebel politiek vaarwater terecht gekomen. Brazilië is een treffend voorbeeld. De oud-president zit in de gevangenis vanwege corruptie en de koploper in de peilingen voor de aankomende verkiezingen werd vorige week neergestoken.

 

Obligaties of aandelen uit groeilanden: werelden van verschil

Groeilanden staan voor reële fiscale, monetaire, economische en politieke uitdagingen. Toch moeten beleggers opletten om niet alle landen over één kam te scheren.

Zo is er een belangrijk onderscheid tussen beleggen in aandelen of obligaties uit opkomende markten. Vooral een indexmandje met obligaties uit opkomende economieën bevat relatief veel zwakke broeders. Dit zijn landen met een tekort op hun lopende rekening zoals Brazilië, Argentinië, Zuid-Afrika of Indonesië. Ze verdienen minder aan het buitenland, bijvoorbeeld door export, dan het buitenland aan hen verdient. Dat gat in de portemonnee moeten deze landen opvullen door te lenen.

De samenstelling van een indexmandje met aandelen uit groeilanden daarentegen is helemaal anders. Hierin zwaait Azië de scepter. Alleen China al vertegenwoordigt een derde van de MSCI Emerging Markets Index. Worden Korea, Taiwan en India daarbij opgeteld, dan nemen deze Aziatische landen twee derde van de index voor hun rekening.

Door dit verschil in samenstelling van de indexmandjes zijn aandelen en obligaties uit groeilanden voor een stuk onderhevig aan andere factoren. De landen met tekorten op hun lopende rekening zijn -  sterk vertegenwoordigd in het obligatiemandje - meer dan gemiddeld gevoelig voor het (Amerikaanse) renteverloop en de dollarkoers. In het aandelenmandje hebben de Chinese economie en handelsoorlog een doorslaggevend belang.

Beleggers moeten opletten om groeilanden als één homogeen geheel te zien. Dat is de reden waarom wij in ons beleggingsbeleid op dit moment vasthouden aan onze aandelenposities in opkomende markten.

 

Al veel slecht nieuws ingecalculeerd

De MSCI Emerging Markets index verloor sinds begin dit jaar 6% (in euro gerekend). Vanaf de top eind januari is dat 12%. Dit maakt, dat er al behoorlijk wat slecht (handels)nieuws is ingecalculeerd in de koersen van aandelen uit groeilanden. Bovendien zijn er signalen dat de economische groei in Azië degelijk blijft. Zo gaan de groei-gevoelige exportcijfers van Korea en Taiwan weer de goede kant op.

Mocht China maatregelen nemen om zijn economische groei te ondersteunen, dan kan dat voor beurzen een omslagpunt betekenen. De Chinezen gaven al een eerste aanzet: banken moeten minder geld in kas houden, worden aangespoord om de kredietverlening op te schroeven en infrastructuurwerken komen weer in beeld.

Toch moet China voorzichtig hierbij handelen, want er is immers al zo veel schuld in het land. Bovendien duurt het altijd even voordat een maatregel effect heeft. Met deze kennis is het de komende tijd relevant om de Chinese geld- en kredietgroei in de gaten te houden. Deze cijfers geven een beeld van de mate waarin beleidsmakers maatregelen nemen én of die effect hebben. Komende donderdag komen er gegevens over de maand augustus.

 

Macro-economische agenda: Amerikaanse inflatie en vergadering ECB

Naast de cijfers over de Chinese geld- en kredietgroei is het deze week uitkijken naar de Amerikaanse inflatiecijfers voor augustus. Vorige week vrijdag bleek al dat de Amerikaanse uurlonen beginnen te versnellen. Dat kan tot bijkomende opwaartse inflatiedruk leiden. Langzaam wordt een nieuwe renteverhoging door de Federal Reserve op haar beleidsvergadering van eind september een zekerheid.

In de eurozone staat donderdag een beleidsvergadering van de ECB op de agenda. Er is weinig reden om bijzonderheden te verwachten.

 

 

 

Luc Aben is hoofdeconoom bij Van Lanschot.

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom

Meer weten over beleggen?

Persoonlijk beleggingsadvies
We gaan met onze persoonlijke werkwijze én een eigen assetmanager voor u aan de slag.