Luc Aben kijkt in de Amerikaanse schatkist

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom
  1. Inspiratie
  2. Beleggen
  3. Luc Aben kijkt in de Amerikaanse schatkist

Luc Aben kijkt in de Amerikaanse schatkist

06 augustus 2018
Onopvallende berichten kunnen grote gevolgen hebben.

Onopvallende berichten kunnen grote gevolgen hebben.

Door handelsspanningen en kwartaalcijfers van ondernemingen viel het niet zo op, maar het belangrijkste nieuws van vorige week kwam wat mij betreft van de Amerikaanse schatkistbewaarder.  De komende drie maanden zal de overheid méér dan gepland Amerikaans schuldpapier uitgeven. Het belastingplan van Trump versnelt de economische groei, maar tegelijkertijd vallen de extra voorspelde belastinginkomsten tegen. Het gat in de begroting zet uit. Voor deze beweging was al op voorhand gewaarschuwd door vele economen. 

De eerste zes maanden van dit jaar inde de Amerikaanse fiscus 1.752 miljard dollar aan belastingen. Wat ongeveer 1% minder is dan tijdens dezelfde periode in 2017. Trump had op 0,2% méér gerekend. Niet dus. De VS stevenen af op een begrotingstekort van bijna 5% in 2019 en dat in een periode van economische bloei.

Niemand in Washington lijkt zich hier zorgen over te maken. Zeker Trump niet. Die bejubelt Twitter-gewijs ieder cijfer dat wijst op aanhoudend sterke economische prestaties op de korte termijn. Maar dat kan mogelijk wel eens de termijnvisie van een ééndagsvlieg zijn. Uiteindelijk kan die oplopende overheidsschuld wel degelijk een probleem worden.

Wat als beleggers in Amerikaanse schuldpapier op enig moment een hogere rentevergoeding eisen vanwege een mindere kredietwaardigheid en/of de verzwakkende munt? Al moeten we hier wel bij vermelden dat de VS, met hun dollar die dé internationale reserve- en handelsmunt is, minder kwetsbaar zijn voor financieringsproblemen. Maar toch.

En wat als de Federal Reserve tegelijkertijd ook nog eens haar beleidsrente optrekt omdat invoerheffingen de inflatie opdrijven? Hoe gaan beleggers dan reageren? Financiële markten kunnen best leven met een hogere rente. Zo lang die maar het gevolg is van een bloeiende economie en dito bedrijfswinsten. Maar als de rente oploopt omdat de financiële gezondheid van de schuldenaar achteruit gaat en/of de inflatie oploopt bij minder groei, gaan beleggers vaak de wenkbrauwen fronsen. In eerste instantie op obligatiemarkten. Afhankelijk van de politieke erkenning en aanpak van het probleem, betekent dat vervolgens méér of minder ruimere turbulentie.

Bedrijfswinsten floreren…

Maar zover zijn we nog niet. Dezer dagen gaat de aandacht vooral naar de bedrijfscijfers over het tweede kwartaal. Bijna tweederde van de ondernemingen heeft ondertussen gerapporteerd. Vooral in de VS is het een goednieuwsshow. Maar ook Europa laat geruststellende cijfers zien.

In 86% van de Amerikaanse gevallen kwam de winst over het tweede kwartaal boven verwachting uit. Gemiddeld nam het resultaat onder de streep met 25% toe op jaarbasis.

Het gemiddelde Europese bedrijf zag zijn winst met 12% toenemen. Al trekt de energiesector dit cijfer enigszins scheef. Halen we die eruit, dan ging de winst gemiddeld 6% hoger tegenover dezelfde periode vorig jaar. Maar toch betekent dat ook in Europa vaak een positieve verrassing (in 56% van de rapportages).

 

… en bieden tegengewicht aan handelszorgen

Op de aandelenmarkten bood deze mooie cijferstroom de voorbije dagen tegengewicht aan de handelszorgen. Beleggers rekenen erop dat de bedrijfscijfers de fraaie opmars doorzetten de komende tijd. Echter na de cijferstroom keert de focus bij beleggers weer terug naar de ‘oude’ dossiers, onder andere het handelsverhaal.

Tot aan de Congresverkiezingen van begin november is de kans immers klein dat Trump’s handels- retoriek een toontje lager gaat. Om nog niet te spreken over de mogelijkheid dat hij het dreigement om voor een bijkomende 200 miljard dollar aan Chinese goederen met 25% te belasten, inderdaad doorzet. Op dat moment zouden de zorgen over de houdbaarheid van de economische groei en bedrijfswinsten wellicht de bovenhand krijgen. Al moet de cijfermatige impact gerelativeerd worden.

Lagere yuan compenseert importheffingen…

Deze week rapporteert de Chinese centrale bank over haar voorraad internationale reserves. Het verloop hiervan kan een indicatie geven over de eventuele kapitaalvlucht uit het land.

Er is geen ‘bewijs’ dat er een doelgerichte politiek van de Chinese beleidsmakers achter zit, maar de  yuan is sinds medio juni in waarde gedaald. Tegenover de dollar met 7,4%, tegenover de valuta van China’s handelspartners gemiddeld met 5,5%. Voor buitenlandse kopers van Chinese producten, lees de VS, biedt dit compensatie voor de hogere prijzen als gevolg van importheffingen. Maar een lagere munt….

 

… kan ook tot kapitaalvlucht leiden

Eén van de nadelen van een goedkopere munt, is echter dat het kapitaalvlucht op gang kan brengen. Burgers en bedrijven die verdere afbrokkeling van de wisselkoers vrezen, kiezen voor buitenlandse valuta. Nu heeft China die vluchtroutes grotendeels dichtgetimmerd. Maar elk net heeft mazen. Zijn die té groot en verlaat kapitaal inderdaad het land, dan heeft dat in het verleden geleid tot nervositeit op financiële markten. In China maar ook daarbuiten.

Opnieuw groene Japanse groeicijfers

Vrijdag verwachten we de eerste inschatting van het Japanse groeicijfer over het tweede kwartaal. Na een negatief eerste kwartaal, zou dat opnieuw in de plus moeten duiken. Maar allemaal onvoldoende om de Bank of Japan te bewegen het beleidsroer om te gooien. Daar waren even geruchten over, maar ondertussen heeft de centrale bank die al zelf de kop ingedrukt.

De nieuwe inflatiecijfers uit de VS, tot slot, zullen geen verrassingen bevatten. Zodat de Federal Reserve gewoon op het pad van twee bijkomende renteverhogingen in 2018 kan blijven. 

 

 

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom