Luc Aben leest een boodschap in de obligatiemarkt

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom
  1. Inspiratie
  2. Beleggen
  3. Luc Aben leest een boodschap in de obligatiemarkt

Luc Aben leest een boodschap in de obligatiemarkt

23 juli 2018
Een omgekeerde rentecurve was in het verleden de voorbode van een recessie.

Een omgekeerde rentecurve was in het verleden de voorbode van een recessie.

Een superveilige Amerikaanse staatslening met een looptijd van twee jaar geeft een vergoeding van 2,60%. Kom daar maar eens op in de eurozone, waar een belegger het moet doen met een rente van -0,6% op een vergelijkbare Nederlandse staatsobligatie. De hogere rente is logisch. De Amerikaanse arbeidsmarkt bloeit, lonen lopen geleidelijk op en de inflatiedoelstelling van de centrale bank Federal Reserve van 2,0% is bereikt. In het kielzog hiervan trok de Fed zijn beleidsrente meerdere keren op.

Komende donderdag krijgen we de eerste inschatting van de Amerikaanse economische groei in het tweede kwartaal. Die zal de 4,0% tot 4,5% (op jaarbasis) aantikken, onder meer door de aangetrokken consumptie. Met dank aan de belastingverlaging van president Trump. Dat is goed nieuws voor beleggers in de Verenigde Staten en daarbuiten. Als de grootste economie ter wereld het goed doet, pikt doorgaans iedereen een graantje mee. Voorwaarde is wel, dat de beleidsrente niet al te hard oploopt en inflatie binnen de perken blijft. 

 

Inverse rentecurve is een alarmbel

Geen vuiltje aan de Amerikaanse economische lucht. Op de kortere termijn lijkt het daar inderdaad op. Maar op de iets langere termijn steken een aantal potentiële waarschuwingssignalen de kop op. Een daarvan heeft - opnieuw - te maken met de obligatierente.
De obligatiebelegger die kiest voor een tienjarige in plaats van een tweejarige Amerikaanse staatslening verdient 2,85% rente. Dat is slechts 0,25% méér voor acht jaar langer. Twaalf maanden terug bedroeg dat verschil in rente nog een vol procentpunt.

Neemt de kloof tussen de twee- en tienjaarsrente in dit tempo verder af door een verder aantrekkende inflatie, dan is aan het einde van dit jaar de tweejaarsrente hoger dan de tienjaarsrente. In economenjargon spreken we dan van een ‘inverse rentecurve’. Dat is een waarschuwingssignaal: sinds 1960 is een inverse rentecurve zo goed als altijd de voorbode van een recessie.

 

Wat is de boodschap van obligatiemarkten?

De verklaring waarom op een omgekeerde rentecurve een recessie volgt is logisch. Recessies gaan gepaard met lage rente. Dus als obligatiemarkten zo’n economische dip verwachten, sturen ze de lange rente alvast omlaag. Daar staat tegenover dat de centrale bank zijn (korte) beleidsrente optrekt zolang de oplopende inflatiedreiging blijft. Resultante van die twee tegengestelde bewegingen is, dat de lange rente uiteindelijk onder de korte komt te liggen: een inverse rentecurve.

Momenteel is zo’n inversie nog geen realiteit, maar we zijn wel stevig op weg. De vraag is dan ook: proberen obligatiemarkten ons iets duidelijk te maken? Dat we op weg zijn naar een recessie in Amerika, of in elk geval een stevige groeivertraging.

 

Minder uitbundige economische groei in de VS

Er zijn argumenten om de conclusie van een nakende recessie in de VS als voorbarig te bestempelen. Zo bouwt de Fed zijn tussenkomst op de obligatiemarkt (kwantitatieve verruiming) weliswaar af, maar dat gebeurt nog heel geleidelijk. Overigens gaat dat afbouwtempo wel omhoog. De centrale bank blijft nog wel even een belangrijke koper van (langlopende) obligaties waardoor hij de lange rente kunstmatig drukt.

Toch kan het Amerikaanse feest niet blijven duren. Lagere belastingen versnellen de economische groei, maar dat is een tijdelijk effect. De hogere benzineprijs, oplopende inflatie en hogere rentestand vreten dit voordeel op. Fed-baas Jerome Powell geeft aan het pad van een geleidelijk hogere beleidsrente te blijven bewandelen. Iets wat Trump minder prettig vindt. Veel van zijn succes ontleent hij aan de crescendo draaiende economie. Vandaar zijn openlijke afkeer vorige week van de hogere rente. Het is zeer ongebruikelijk dat een president zich met het beleid van de onafhankelijke centrale bank bemoeit.

Daarnaast is er nog de handelsoorlog. Hoewel Trump stoer verklaart dat hij die makkelijk kan winnen, is dat nog niet zo zeker. Integendeel, vorige week nog zei het IMF dat de VS bij een escalatie tot de grootste verliezers zou behoren. Hogere importheffingen zullen de inflatie laten toenemen.

Beleggers moeten zich op de korte termijn niet al te veel zorgen maken over het Amerikaanse economische plaatje. In de loop van 2019 kan dat veranderen. Laten we het signaal van de bijna inverse Amerikaanse rentecurve niet achteloos naast ons neerleggen.

 

Eurozone is vol economisch vertrouwen

Als de Amerikaanse groei in 2019 terugvalt, dan heeft dat natuurlijk invloed op de eurozone. Vooral als ook de Chinese economie een versnelling lager gaat. Vandaar het belang van de ‘binnenlandse’ groeidynamiek in onze contreien. Die ziet er op korte termijn redelijk uit. De werkloosheid daalt, het consumentenvertrouwen is hoog, de kredietverlening draait en investeringen trekken aan.

Deze week komen de nieuwe Markit PMI’s en de Duitse IFO-indicator, dat zijn barometers die het vertrouwen bij ondernemers meten. Ook verwachten we nieuwe cijfers over het consumentenvertrouwen in Europa.
Op dit moment komt de gemiddelde Europese vertrouwensscore overeen met een kwartaalgroei van 0,5%. Dat betekent iets meer dan 2% groei op jaarbasis, wat boven het structureel houdbare Europese groeipad van 1,5% ligt.
Beleggers kunnen het economische verhaal uit de eurozone goedkeurend knikkend beoordelen. In ieder geval voor de kortere termijn en met de nodige voorzichtigheid in de wereld van vandaag. 

Donderdag heeft de ECB een bijeenkomst. Daarvan verwachten we geen nieuwe wendingen. 

 

 

Luc Aben
Luc Aben
Hoofdeconoom