Hoofdeconoom Luc Aben blikt vooruit – week 30

Een drukke macro-agenda deze week, zo midden in de vakantieperiode. Het accent ligt op de VS met de Fed als blikvanger en er zijn diverse vertrouwenscijfers uit het bedrijfsleven en van de Amerikaanse burger. Ook in Europa staan de nodige vertrouwenscijfers op de rol. Verder blikken we nog even kort terug op de centrale banken onderonsjes van afgelopen week.

Centrale banken onderonsjes

De Japanse centrale bank (BoJ) verschoof weer eens een keer de inflatiedoelstelling van 2,0%, ditmaal naar maart 2020. Ja, het verkrijgen van voldoende inflatie blijft een hardnekkig fenomeen in Japan evenals een duurzame economische groei. De BoJ kan niks anders doen dan het al ruime monetaire beleid te continueren. Dus een duidelijk verruimend standpunt.

En dan de ECB

Draghi gaf aan dat het groeimomentum binnen de eurozone aan kracht wint, dat is mooi, maar die groei is onevenredig verdeeld. Het grote zorgenkind blijft Italië wat steeds meer achterop raakt. Draghi omzeilde deze klip briljant door te melden dat het obligatieprogramma verlengd en zelfs uitgebreid kan worden als de economische omstandigheden verslechteren. Daarnaast worstelt ook de eurozone met een (te) lage inflatie, aldus Draghi. Dus kalmte aan het monetaire front is gewenst. Daarnaast wilde de ECB ook niet al te enthousiast klinken over de economie afgelopen donderdag; de al sterke stijging van de euro ten opzichte van de dollar begint langzaamaan pijn te doen bij de Europese exporteurs. Die stijging hoeft echt niet extra worden aangezet, zal Draghi denken. Ondanks al deze retoriek gaan we er vanuit dat Draghi in oktober meer bekend gaat maken over de afbouw van het obligatie-inkoopprogramma.   

VS

Woensdag steken Fed-bestuurders de koppen weer bij elkaar. We verwachten geen concrete actie. Mogelijk komen er enige hints over het toekomstige rentepad en vooral over de timing en het tempo waarmee de Fed-balans zal worden afgebouwd.

Aanhoudend matige inflatiecijfers sinds maart verhogen de kans dat Yellen en haar collega’s voorzichtig te werk zullen gaan. We rekenen op één bijkomende renteverhoging in 2017. Maar de kans dat die niet in september maar eerder in december zal plaatsvinden, is groter geworden. Recent nog leverde Yellen een voorzichtige getuigenis over de stand van de economie af voor het Amerikaanse Congres. In essentie was haar boodschap dat de FED gewoon de komende economische data wil afwachten.

Economische groei voldoende?  

Eén van die data is ongetwijfeld het uiteindelijke groeicijfer over het voorbije kwartaal. Dat zou hoger moeten liggen dan tijdens de eerste drie maanden van het jaar. Toen kwam een ontgoochelende 1,4% uit de bus, daar waar nu minstens 2,5% wordt verwacht. Onder meer de consumptie en investeringen (in de energiesector) zouden het groeicijfer hoger hebben moeten getild. Het is mede daarom spannend omdat de consument grillig heeft geacteerd de afgelopen periode.

Voor de rest van het jaar moeten de gezonde arbeidsmarkt en lagere dollar, wat de export stimuleert, de Amerikaanse groei ondersteunen. Naar 2018 toe zal het er vervolgens van afhangen in welke mate de Trump-administratie zijn economische beloftes van o.a. lagere belastingen waarmaakt. Het politieke circus in Washington doet op dit moment niet vermoeden dat het inderdaad zover zal komen. Op enig moment kunnen de zorgen hieromtrent toenemen.

In aanloop naar de Fed-bijeenkomst en het groeicijfer, krijgen we vandaag en woensdag eerst nog de nieuwe PMI’s (ondernemersvertrouwen) voorgeschoteld. Zowel voor de industrie als de dienstensector. We hadden het reeds over de goedkopere dollar. De PMI Manufacturing kan daarvan nu al een effect weerspiegelen. Samen met het degelijke groeimomentum in de rest van de wereld, voldoende aanleiding om een mooie score voor het ondernemersvertrouwen te verwachten.

De consument van zijn kant, lijkt iets voorzichtiger te worden. Niet zozeer over de huidige gang van zaken, dan wel over de toekomst. Althans, zo bleek twee weken terug uit de vertrouwensindex van de University of Michigan. Toch blijft het eindcijfer voor consumentenvertrouwen hoog genoeg om ons op dit moment nog geen zorgen te maken. Dat zal morgen ook blijken uit die andere belangrijke meting, die van de Conference Board.

Samenvattend verwachten we deze week dus degelijke Amerikaanse economische cijfers.

Europa

Ook in de eurozone staan vertrouwenscijfers van ondernemers centraal. We trappen vandaag af met de Markit PMI’s. Morgen staat de Duitse IFO-indicator op de rol, en vrijdag sluiten we af met het cijfer zoals de Europese Commissie dat meet.

Er is geen reden om tegenvallende cijfers te verwachten. De Europese economie blijft op koers. Zowel door aantrekkende interne dynamiek als door externe factoren. Denk aan de sterker dan verwachte Chinese groei.

Toch betekent dit niet dat de lucht volkomen wolkenvrij is. Zo zou de versterkte euro op enig moment vervelend kunnen worden. Zeker als die trend zich doorzet. Dat is weliswaar niet ons centrale scenario. Wij gaan er vooralsnog vanuit dat de dollar opnieuw wat zal aantrekken.

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot