Hoofdeconoom Luc Aben blikt vooruit - week 29

Afgelopen vrijdagmiddag werd er nog een stevig Amerikaans macrotoetje geserveerd. Er kwam extra focus te liggen op de ontwikkeling van de consumentenprijzen, nadat Fed-baas Yellen in haar speeches prominent aangaf dat die inflatie bepalend is voor het tempo van de komende monetaire verkrapping. Verder zijn alle ogen deze week gericht op ‘onruststoker ECB’. Komende donderdag geeft Draghi een toelichting op het monetaire beleid en mogelijk zal hij hinten op afbouw van inkoop obligaties. Macrogrootheden als de Duitse tienjaarsrente en de euro kunnen in beweging komen.

Deze week is het relatief rustig in de macrohoek. Wel staat ons een enorme bedrijfscijferbrij te wachten. De verwachting is dat er geen echte ongelukken te verwachten zijn.

Inflatievrees VS nog ongegrond

Maar liefst een dikke 0,1%-stijging van de (kern)consumentenprijzen rolde uit de bus over de junimaand. In jaartermen gemeten stopte de inflatieteller bij 1,7% en dat is wederom lager dan de Fed-inflatiedoelstelling van 2%. Dan kan Yellen wel stellen dat de zwakke inflatiecijfers van de afgelopen tijd mogelijk incidenteel van aard waren, maar het blijkt dat prijsdalingen van diverse componenten toch hardnekkig zijn. Gelukkig maar dat de zeer grote componenten ‘huren’ (+0,3%) en prijzen gezondheidszorg/voorgeschreven medicijnen (+1,0%) stevig in de lift zaten. Conclusie is dat de Fed zich niet hoeft te haasten met de monetaire verkrapping.   

Waarom blijven de Amerikaanse detailhandelsverkopen achter?

Dat is de ‘one million dollar’ question. De gecontroleerde groep detailhandelsverkopen, die voor de volatiele componenten corrigeert, daalde in juni met 0,1%, waar gerekend was op een 0,3%-stijging. Er is nog niet veel aan de hand, gezien de gestage stijgingen van de verkopen de afgelopen maanden. Maar toch blijft de huidige zwakte moeilijk te verklaren gezien de toenemende koopkracht van de Amerikaanse burger. Het lijkt erop dat de wonden van de financiële crisis nog niet zijn geheeld en dat ook de burger het (regerings)beleid niet helemaal vertrouwd. Het gemiddelde saldo op een bankrekening bedraagt nu $ 3.600,-. Begin 2007 lag dat cijfer op $ 1.000,-. Een grotere appel voor de dorst wordt aangehouden. Anderzijds hebben de huishoudens nog te maken met een recordniveau aan schulden, $ 12.730 miljard en dat is inmiddels hoger als voor de crisis.

VS: eerste indicaties uit Amerikaanse industrie

Maandag komt de Empire State-index - de industriële activiteitengraadmeter voor de regio New York - naar buiten. Op donderdag volgt de vergelijkbare graadmeter voor de regio Philadelphia. Voor de Amerikaanse industrie schijnt de zon volop, de afgelopen maand zagen we een sterke orderinstroom. Wij verwachten dat die positieve lijn doorzet in juli.

Op de achtergrond gaat de stevige dollardaling, sinds begin april bijna 9% ten opzichte van de euro, voor rugwind zorgen bij de industrie. Dat kan vooral de Amerikaanse exportbedrijven helpen en Amerikaanse ondernemingen die veel omzet behalen in de opkomende landen. Mogelijk al dat diverse bedrijven hierop positief hinten bij de kwartaalcijfers.

Aannemersvertrouwen VS

De Amerikaanse huizenmarkt toonde recent lichte tekenen van afkoeling. Overigens ligt het activiteitenniveau nog zeer hoog. De verzwakking van het vertrouwen rekenen we toe aan enerzijds aan de beschikbaarheid van onvoldoende gekwalificeerd personeel. Maar anderzijds zorgt het niet doorkomen van nieuw fiscaal overheidsbeleid en deregulering voor terughoudendheid bij kopers. Op dat vlak weinig verbetering, daarnaast zien we dat de betaalbaarheid van huizen afneemt door de gestegen prijzen. Steeds minder gezinnen (vooral in de steden) kunnen een huis kopen. De huizenmarkt is belangrijk omdat deze voor 15% direct of indirect bepalend is voor het nationaal inkomen.

Draghi-vrees in Europa terecht?

Donderdag doet ECB-voorzitter Draghi een boekje open over het monetaire beleid. Wij voorzien mogelijke verdere hints dat de ECB het obligatie-opkoopprogramma gaat terugschroeven. Daarvoor zijn een aantal punten aan te voeren: de Eurozone-economie draait als een tierelier, de in te kopen obligaties raken op en het sentiment op de financiële markten is momenteel robuust en kan tegen een stootje. Dit scenario van afbouw van obligatie-inkoop zal met horten en stoten worden ingecalculeerd. Echter, substantieel hoger gaat de kapitaalmarktrente vooralsnog niet, want…

…inflatie blijft zorgenkind

Het Europese consumentenprijsinflatiecijfer zal volgens economen in juni uitkomen uit op 1,3% (jaar-op-jaarstijging). Te weinig, en het blijft ver uit de buurt van de 2%-inflatiedoelstelling. Kijken we bijvoorbeeld naar de inflatieverwachting over vijf jaar en dan vijf jaar vooruit, dan staat er een schamele 1,6% op jaarbasis. Dus ook die vooruitzichten blijven zeer gematigd. Wij denken daarom dat de mogelijke eerste stijging van de beleidsrente in de eurozone zich pas ergens in 2019 zal voordoen.

 

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot