Vertrouwen groeit in eurozone-economie

De economisch sentimentsindicator van de EU trok in juni stevig aan. In het VK manifesteren de economische Brexit-gevolgen zich meer en meer. Iets verder van huis zien we dat de Chinese industrie een opmerkelijke comeback doormaakte in juni en dat de Japanse economische prestaties matig blijven.

Meer vaart in de eurozone-economie

De economische sentimentsgraadmeter voor de eurozone, de ESI-index steeg veel sterker door dan verwacht in de junimaand. De gemiddeld gemelde indexstand van iets boven de 110 punten voor het tweede kwartaal komt historisch gezien overeen met een economische groei van rond de 2,5%. Dat lijkt wel erg veel van het goede, maar een groeivoet van iets boven de 2,0% is reëel. Bijzonder prettig is dat de vooruitgang zich breed gespreid voordoet over alle sectoren. De exportorders trekken aan en de consument steekt beter in zijn vel. Zelfs zo goed dat het hoogste consumentenvertrouwen sinds april 2001 werd gemeld. Geografisch gezien groeide het vertrouwen in landen als Spanje en Frankrijk sterk, maar Italië blijft een zorgenkind.

En dan het VK…

Daar zakte het consumentenvertrouwen in juni stevig in. De oplopende (import)inflatie door de zwakkere munt en de afzwakkende loongroei tasten de koopkracht van burgers aan. Vooral de aanschaf van dure goederen schuiven de Britten door. De komende tijd loopt de inflatie mogelijk op tot boven de 3% en dat betekent nog meer pijn. De effecten van de Brexit laten zich langzaam voelen, wat de economische groei gaat remmen.

Chinese industrie maakt comeback door

Het officiële industriële inkoopmanagersindexcijfer steeg in juni veel harder dan verwacht, tot 51,7 punten. De nieuwe exportorders liggen zelfs op het hoogste niveau sinds april 2012. De Chinese economie profiteert duidelijk van de aantrekkende wereldhandel. Ook de ontvangen prijzen daarbij stegen voor het eerst sinds december. Het betekent ook dat de grotere en vaak meer op exportgerichte bedrijven het beter doen dan het MKB. De conclusie is dat de Chinese economie de aankomende maanden stabiel blijft. Met de verkiezingen in zicht deze herfst wensen de beleidsmakers geen rigide aanpassingen te doen. De groeivoet zal op 6,5% of iets daarboven blijven uitkomen.

Japan presteert zwak

De Japanse industriële output ging in mei met 3,3% op maandbasis onderuit. De grootste maanddaling sinds begin 2011 was te wijten aan de verminderde fabricage van auto's en bouwmachines. Met de inflatie wil het eveneens niet vlotten. De consumentenprijzen stegen met 0,4% op jaarbasis in mei en dat is nog lang niet de beoogde 2,0% door de centrale bank. Trage loongroei dreigt deze doelstelling nog verder naar achteren te duwen. Er gaan geruchten dat de centrale bank in juli de deadline hiervoor doorschuift.

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot