Hoofdeconoom Luc Aben blikt vooruit - week 41

De voorbije dagen kwam er al met al geruststellend nieuws uit de VS. De ISM-indices (ondernemersvertrouwen) veerden op. Vooral het vertrouwen in de dienstensector reikte tot nieuwe hoogte. Zoals we vorige week al aanhaalden is dit belangrijk, gezien het gewicht dat deze sector uitmaakt in het totale economische plaatje. Kijkend naar de matige cijfers gedurende de zomerperiode kan hier sprake zijn van een trendbreuk.

Banenrapport VS neemt druk weg

Het arbeidsmarktrapport was oké. Het werkloosheidspercentage kruipt weliswaar een beetje omhoog, maar daar zijn wij niet ongerust over want, méér mensen gaan op zoek naar een baan en zij komen zodoende opnieuw in de statistieken terecht. Velen van hen hadden lange tijd geen enkel initiatief genomen om werk te zoeken. Deze ‘ontmoedigden’ bieden zich nu wederom aan op de arbeidsmarkt. Met als gevolg dat er vooralsnog weinig opwaartse loondruk is. Iets waar we al herhaaldelijk op wezen en wat afgelopen vrijdag weer tot uiting kwam in het genoemde arbeidsmarktrapport.

Fed heeft geen haast

De Fed zal op basis van dit rapport geen haast maken met het verhogen van de rente, zo luidt de algemene conclusie. De kans dat de Fed bij de novembervergadering al een rentestap zet, achten wij daarom uitermate klein. Maar de cijfers zijn goed genoeg om een renteverhoging een maand later alsnog door te voeren.     

Britse pond maakt rare bewegingen

De matig gevulde week macro-agenda zal waarschijnlijk weinig invloed hebben op het beursverloop. Wat wél voor de nodige deining kan zorgen, zijn de capriolen van het Britse pond. Nadat Theresa May de start van de ‘officiële echtscheidingsonderhandelingen’ aankondigde, en vooral nadat ze duidelijk maakte haar huid duur te willen verkopen, kwam de Britse munt fors onder druk. Die koersbeweging is puur politiek gedreven. De Britse economie houdt zich vooralsnog onverwacht sterk na de verrassende referendum-uitkomst.

Onzekerheid troef inzake Brexit

Tot nu toe hebben we niet al te veel aandacht besteed aan die degelijke recente Britse cijfers. De echte lakmoesproef rond de gevolgen van de Brexit is de deal die uiteindelijk uit de bus komt. De Britten lijken hun standpunt daarin te verharden, maar de onderhandelingen kunnen en zullen jaren duren. Tegen die tijd kan het politieke klimaat trouwens helemaal zijn omgeslagen. Ten slechte, maar ook ten goede. Vandaag de dag wil de Britse regering vooral inzetten op minder migratie en daarmee de economische prijs van minder vrijhandel voor lief nemen. Maar die politiek getinte houding kan over een aantal jaren zomaar omslaan. Vooral als duidelijk wordt wat de Brexit-intenties nu écht betekenen voor de reële economie.

Dit alles neemt niet weg dat de kant die het momenteel opgaat, allerminst bijdraagt aan de internationale politieke stabiliteit. Niet voor niks beschouwen wij politieke onrust al enige tijd als een van de belangrijkste risicofactoren voor beleggers.

Amerikaanse consument wederom aan zet

Wellicht kunnen de detailhandelsverkopen en het consumentenvertrouwen vanuit de Universiteit van Michigan (publicatie vrijdag) bijkomend geruststellend nieuws over de Amerikaanse economie brengen. De arbeidsmarkt blijft in goeden doen, net als de woningprijzen en de aandelenkoersen. Traditioneel elementen die de consument vrolijk stemmen. Toch leek die consument tijdens de zomermaanden de vinger enigszins op de knip te houden. Maar de subindex van de ISM Non-manufacturing-index - die de retailsector peilt - wees vorige week op een herstel van het vertrouwen. En dit stemt ons positief over de verwachtingen voor deze week.

Alle cijfers rond de consument zijn belangrijk. Als we kijken naar de recentste kwartalen, dan was het de consument die het vuur in de Amerikaanse groei aanjoeg. En dat moet hij blijven doen. De industrie groeit immers matig. Gedeeltelijk door de valutaire tegenwind van de sterke dollar.

ZEW-index belangrijkste cijfer deze week

Het belangrijkste Europese cijfer van de week komt morgen: de ZEW-index. Die peiling naar het economische vertrouwen bij Duitse beleggers schetste de voorbije maanden een relatief somber beeld. We verwachten een lichte heropleving deze keer. De Duitse economie profiteert traditioneel van een internationale economie in iets rustiger vaarwater. Zoals we al aanhaalden, lijken de Verenigde Staten hierin terechtgekomen. Net als China.

Voor het overige letten we komende woensdag nog op de industriële productie. De cijfers dateren van augustus, zodat onze verwachtingen niet al te hooggespannen zijn. Dit omdat een indicator als de inkoopmanagersindex voor de industrie pas sinds september een voorzichtige stijging laat zien. In augustus liet deze index nog een daling zien. Het is tegen die achtergrond dat de industriële cijfers deze week bekeken moeten worden.

Hoe gaat het met de Chinese schuldenberg?

Als we het de laatste tijd over China hadden, kwamen steeds twee elementen naar voren: 1) de groei blijft op het uitgestippelde pad en 2) de prijs daarvoor zijn fors oplopende schulden. Woensdag zal blijken dat die schuldenopbouw doorgaat.

Ook internationale instellingen als het IMF waarschuwden recent nog voor dit fenomeen. Vooral omdat de opbouw voornamelijk plaatsvindt bij staatsgeleide ondernemingen die vaak actief zijn in sectoren met overcapaciteit en lage marges. Echter, deze vaststelling nuanceert tegelijkertijd ook het gevaar. De toegestane kredieten komen vaak van staatsbanken, zodat het hele schuldverhaal een soort ‘onderonsje’ is tussen de overheid en haar eigen ondernemingen en banken. Het blijft zaak om de vinger aan de pols te houden.

De Chinese handelscijfers zullen eind van de week hun geleidelijke herstel voortzetten. Waarbij de export profiteert van de afgebrokkelde wisselkoers van de renminbi en het verbeterde economische plaatje in de VS.

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot