Macro-economisch mag het allemaal iets minder

Aan het macrofront gaat het allemaal iets minder. In de VS vlakte de groei van de industriële activiteiten afgelopen maand licht af. Dat gold ook voor de bouwuitgaven, maar dan in de maand juni. De Australische centrale bank voegde de daad bij het woord door de beleidsrente met 0,25% te verlagen en in de eurozone zagen we de industriële activiteit in juli licht dalen.

Het inkoopmanagersindexcijfer voor de Amerikaanse industrie (ISM) daalde in juli licht tot 52,6 indexpunten. In juni verscheen nog een stand van 53,2 indexpunten op de borden. De nieuwe orderinstroom bleef in juli sterk liggen op 56,9 punten, echter de werkgelegenheidscomponent dook de krimpzone in tot 49,4 punten.

Fabrikanten zijn nog steeds bezig met kostenrationalisatie en niet zo zeer met capaciteitsuitbreiding. Dat laatste zien we ook terug in de ronduit zwakke investeringen in de VS. Positief zijn de afgenomen voorraden. Dat biedt ruimte voor de toekomstige productie. De prijzen in de industrie stegen minder snel dan de voorafgaande maand. Het rapport past in het economische beeld van de VS, een positieve trend die licht vertraagt.

De bouwuitgaven in de VS daalden in juni voor de derde maand op rij en tikte daarmee het laagste niveau sinds medio 2015 aan. De afname van 0,6% stond haaks op de verwachte 0,5% stijging. De uitgaven aan woningen, overheidsgebouwen en commercieel vastgoed stonden allemaal onder druk. In de vastgoedsector zien we een licht afvlakkende groei in de maanden mei en juni.

De Australische centrale bank verlaagde vanochtend de beleidsrente tot het historische lage niveau van 1,5%. Dat was conform verwachting. De centrale bank (RBA) voorziet zeer beperkte loonstijgingen en daardoor zal de inflatie gedrukt blijven.

De Australische arbeidsmarkt laat gemengde signalen. Australiërs hebben relatief veel parttime banen. Een laatste reden om de economie een monetaire impuls te geven, zijn de bedrijfsinvesteringen. Die liggen op een zeer laag niveau. Het zijn allemaal bekende problemen en de risico's voor de economie liggen aan de onderkant. Mogelijk dat dit najaar opnieuw een neerwaartse rentestap wordt gezet.

In de eurozone zagen we in juli, zoals verwacht, een lichte afname van de industriële activiteit. De inkoopmanagersindexcijfer (PMI) kwam uit op 52,0 punten, in juni werd nog 52,8 genoteerd als stand. De Duitse economie lijkt zich niet al teveel aan te trekken van de Brexit en voerde de industriële productie op tot het hoogste niveau van de afgelopen twee jaar. De usual suspects zoals Italië, Frankrijk en Griekenland zagen het momentum wel afnemen. Het groeitempo intern raakt meer verdeeld. Toch lijkt er werk aan de winkel te komen voor de monetaire beleidsmakers. De groei van de nieuwe orderinstroom in de industrie neemt af evenals de productie. Ook hier vertraagt de economische groei.

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot