Nieuw huwelijksgoederenrecht: wat vindt u?

Nieuw huwelijksgoederenrecht: wat vindt u?

‘Wat vindt u van de aanpassing in het huwelijksgoederenrecht?’

Deze vraag stelden we in mei 2016 in de derde editie van Cornelis, ons online magazine. De mogelijke antwoorden waren:

  1. Ik vind dit een goede aanpassing
  2. Ik vind dit geen goede aanpassing
  3. Deels goed, maar ik vind dat erfenissen en giften die tijdens het huwelijk worden verkregen wel automatisch in de gemeenschap moeten vallen
  4. Maakt mij niet uit, ik wil toch niet trouwen

Wat antwoordden de lezers van Cornelis? Een overweldigende meerderheid van 81% geeft aan dit een goede aanpassing te vinden. Nog eens 6% is het deels eens met de aanpassing; zij zijn van mening dat erfenissen en giften die tijdens het huwelijk verkregen worden wél in de gemeenschap horen te vallen. Daarentegen vindt 9% van de stemmers de aanpassing geen goed idee. Slechts 4% zegt dat het ze niets uitmaakt, zij willen toch niet trouwen. 

Beperkte gemeenschap van goederen

Als de Eerste Kamer dit jaar nog het wetsvoorstel goedkeurt, dan hebben we vanaf volgend jaar een nieuw wettelijk huwelijksgoederenrecht (mogelijk gaan deze wijzigingen pas per 1 juli 2017 in). De oude vertrouwde volledige gemeenschap van goederen is dan voor nieuwe huwelijken vervangen door een beperkte gemeenschap van goederen. Lees ook ons blog ‘Huwelijksgoederenrecht: wat verandert er?’.

Uitsluitingsclausule nodig?

Een onderdeel van de nieuwe wet lichten we er even uit: schenkingen en erfenissen blijven buiten de gemeenschap van goederen. Deze blijven dus privévermogen van de partner die deze heeft ontvangen. Hebt u dan als erflater of schenker geen uitsluitingsclausule meer nodig? Dat ligt er aan wat u beoogt. Een voorbeeld: een schenking of erfenis van u aan uw kind. Als u er zeker van wilt zijn dat het vermogen bij een echtscheiding nooit bij de partner van uw kind terecht komt, dan zult u nog steeds een uitsluitingsclausule in uw testament of schenkingsakte moeten opnemen. Uw kind kan namelijk zelf huwelijkse voorwaarden overeenkomen, waarin geregeld wordt dat erfenissen en schenkingen toch gemeenschappelijk zijn. Een uitsluitingsclausule gaat echter vóór op de regeling die afgesproken is in de huwelijkse voorwaarden.

Speciale aandacht verdient de situatie bij overlijden van uw kind. Als uw kind gehuwd is en geen testament heeft, is de partner samen met eventuele kinderen erfgenaam. De partner krijgt echter de beschikking over het totale vermogen en de kinderen krijgen hun erfdeel in de vorm van een niet-opeisbare vordering op de partner. Dit geldt dus ook voor het van u geërfde of geschonken vermogen. Als u dat niet wilt, dan moet u niet alleen een uitsluitingsclausule opnemen, maar ook een zogenaamde tweetrapsmaking. Daarin bepaalt u dat het van u geërfde of geschonken vermogen bij het overlijden van uw kind naar andere personen gaat, bijvoorbeeld naar uw kleinkinderen of  eventuele andere kinderen. In de tweetrapsmaking kunt u verzachtende bepalingen opnemen, bijvoorbeeld een mogelijkheid tot vruchtgebruik voor de achtergebleven partner.

Of juist een insluitingsclausule?

In sommige gevallen moet u vanuit fiscale overwegingen misschien juist een ‘insluitingsclausule’ opnemen. Ook bij overlijden van uw kind blijft het van u geërfde of geschonken vermogen namelijk privévermogen. Vervolgens vererft dit geheel of gedeeltelijk naar de partner, waardoor er mogelijk erfbelasting verschuldigd is. Als het van u geërfde of geschonken vermogen echter in de gemeenschap zou vallen, gaat de helft van dit vermogen zonder erfbelasting naar de partner. U kunt de wettelijke regeling met een insluitingsclausule overrulen. Daarmee bereikt u dat bij overlijden het van u geërfde of geschonken vermogen toch in de gemeenschap valt.

Let op: voor reeds bestaande huwelijken blijft de huidige algehele gemeenschap van goederen gelden. Daar hebt u dus altijd een uitsluitingsclausule nodig om geërfd of geschonken vermogen buiten de gemeenschap te houden.

Meer weten?

Wilt u precies weten wat de gevolgen voor uw eigen situatie zijn en wat u kunt doen? Maakt u dan een afspraak met een van onze adviseurs.

Coen van den Bedem werkt als structureerder bij het Kenniscentrum van Van Lanschot, e-mail: Kenniscentrum. Hij schrijft regelmatig over vraagstukken op het gebied van Vermogensregie.

Andere posts

Van Lanschot maakt gebruik van cookies voor een goede werking van de site, voor tracking en voor het bijhouden van statistieken. Gaat u verder op de site? Dan stemt u erin toe dat wij cookies plaatsen. Lees meer over cookies bij Van Lanschot