Luc Aben blikt vooruit  de week van de groeiwaarheid

Luc Aben blikt vooruit  de week van de groeiwaarheid

23 april 2018
De economische groeimotoren staan sinds het begin van dit jaar in een lagere versnelling.

De economische groeimotoren staan sinds het begin van dit jaar in een lagere versnelling.

Een beetje remmen is natuurlijk, na de eclatante finish van 2017 toen economie op topsnelheid draaide. Om te voorkomen dat we linea recta de economische grindbak in vliegen. Niks aan het handje, stelden economen bij de ingezette groeivertraging. In hun verklaringen werden abnormale weersomstandigheden, ongekend lage volatiliteit op financiële markten en oplopende handelsspanningen als zondebokken genoemd en geaccepteerd.

Toch kunnen dit soort rimpelingen zich als een sluipmoordenaar voor het groeitempo van de economie ontpoppen. Vooral de handelsonrust tast het sentiment aan bij consumenten en bedrijven, wat mogelijk lagere uitgaven en investeringen tot gevolg heeft. Dat maakt beleggers minder comfortabel. Economische groei moet voldoende hoog blijven om bedrijfswinsten - versneld en voldoende -  te laten toenemen. Wij denken dat het mondiale groeitempo de komende tijd hoog genoeg blijft. 

Vuurproef voor de eurozone

Deze week wordt in diverse economische blokken de vertrouwenstemperatuur opgenomen. Daarbij wordt vooral de eurozone stevig aan de tand gevoeld. Juist over deze regio zijn de meeste zorgen.

Op maandag is het al meteen prijs. De voorlopige inkoopmanagersindexcijfers (diensten en industrie) van de eurozone over april komen naar buiten. Het is de eerste serieuze indicatie na de escalatie van de handelsoorlog tussen China en de Verenigde Staten. De ontwikkeling van exportorders en de totale orderinstroom bij fabrikanten staan in deze cijfers centraal. Ook de dienstensector, die meer intern en op de consument is georiënteerd, moet zich stabiliseren. Gezien de aanhoudende sterke arbeidsmarkt, gematigde loongroei en beperkte inflatie hoeft er geen vuiltje aan de lucht te zijn voor de consument.

Dinsdag staat de Duitse bedrijvensentimentsgraadmeter van economisch instituut Ifo op de agenda. Belangrijke cijfers, want het was juist de Duitse economie die de afgelopen paar maanden wat betreft groei snel door haar hoeven zakte. Dat is niet raar, want de exportsector kan door een handelsoorlog zwaar worden geraakt. Het meest mondiaal verhandelde product zijn auto(onderdelen), circa 11% van de totale waarde.

Op vrijdag rest de laatste groeivuurproef: de ESI-index. Met deze Economic Sentiment Indicator (ESI) van de Europese Commissie krijgen we meer inzicht in hoe de euroburger reageert op het tweetkanon in het Witte Huis. Dat is waarschijnlijk gematigd.

Als tussendoortje staat donderdag de reguliere vergadering van ECB op de rol. We verwachten weinig nieuwe inzichten in het monetaire beleid. Centrale bankiers van de grote landen/regio’s – de VS uitgesloten – zijn weer meer in hun schulp gekropen. Oorzaak zijn een mindere economische groei en beperkte inflatie. ECB-baas Mario Draghi kan alleen maar de kat uit de monetaire boom kijken.           

Barre Amerikaanse economische groeicijfers in aantocht?

Dat ‘weer’ weer. De economische groei in de Verenigde Staten komt in het eerste kwartaal mogelijk uit op een magere 2,0%. Daarvan schrikken we niet, want de reden zijn de barre weersomstandigheden. Er is – terecht – veel vertrouwen dat het tweede kwartaal beter uitpakt. Donderdag weten we meer.

Het consumentenvertrouwen in de VS wordt deze week twee keer gepeild. Dat is zeer interessant, want de ophef over Trumps (handels)politiek is groot. Begrijpelijk, want het raakt direct de portemonnee van burgers. Door importheffingen wordt het leven duurder. Een gemiddeld Amerikaans gezin heeft $ 900 aan belastingvoordeel gekregen. Door de hogere olieprijs – mede door geopolitieke spanningen – is een Amerikaan al weer $ 400 extra kwijt aan benzine.    

Er is mogelijk nog een zuurtje in de VS en dat komt van de inflatie-ontwikkeling en arbeidskosten. Het inflatiecijfer voor de persoonlijke uitgaven (PCE) over het eerste kwartaal neemt de Fed mee in zijn beleidskeuzes. Nou zien de Amerikaanse centrale bankiers dagelijks signalen dat de inflatie in de VS aantrekt, dus van 1,9% inflatie schrikken ze niet echt. Een fors hoger cijfer kan echter wel de aandelenbeurzen negatief in beweging brengen. 

 

Blijf op de hoogte

Ontvang vijf maal per jaar het online magazine Cornelis. Het magazine staat boordevol interviews, video’s en interessante artikelen voor ondernemers.